Hoe kan duurzaam bouwen worden versneld?

Drie deskundigen aan het woord over hoe zij de ontwikkeling van Duurzaam Bouwen zien en hoe deze versneld kan worden. Dit artikel is eerder verschenen in het magazine Duurzaam Gebouwd.

Anke van Hal, hoogleraar duurzaam bouwen aan TU Delft en Nyenrode, signaleert dat het bedrijfsleven een leidende rol heeft bij de ontwikkelingen in Nederland. Wat de houding van de overheid betreft heeft zij echter het gevoel dat Nederland achterloopt ten opzichte van andere landen. “Wanneer je de ambities van de overheid in Nederland vergelijkt met die van overheden in andere landen dan schaam je je soms een beetje.”

De huidige economische crisis heeft volgens Van Hal twee gezichten. “Voor partijen met een korte termijnvisie beperkt het de ontwikkeling van duurzaam bouwen. Er is geen budget beschikbaar. Partijen die denken dat duurzaam bouwen alleen maar geld kost, doen dus niks. Anderzijds heeft de crisis versneld duidelijk gemaakt dat verandering noodzakelijk is."

Steeds meer bedrijven zien de noodzaak in om zaken anders aan te gaan pakken, ziet Van Hal. "Routines en gebruiken die jarenlang perfect dienst deden, blijken steeds vaker tekort te schieten. Dat steeds meer partijen de noodzaak zien en samen gaan werken is hier een exponent van.”

Een van de belangrijkste punten die Van Hal het bedrijfsleven ziet oppakken is de afstemming van producten en diensten op de echte actuele vraag. “Producten die businesskansen bieden, zijn producten die nauw aansluiten op de behoeften van mensen en tegelijk duurzaam zijn. Om deze ontwikkeling te stimuleren dient echter wel het kennisniveau in de sector verhoogd te worden."

Van Hal vindt dat er meer kennis nodig is over de voordelen van duurzame maatregelen dan de milieuvoordelen alleen. "Producten moeten daar ook op worden aangepast. Dat producten vaak niet aansluiten op de werkelijke behoeften van gebruikers is een van de aspecten waarom er vaak geen eerste vraag naar duurzaam bouwen is. Daarnaast zijn veel duurzame producten niet bekend bij het grote publiek.”

Belofte
“In de gebouwde omgeving wordt onnodig veel energie verbruikt. De bouwwereld heeft dan ook een belofte waar te maken. Van de drie grote energieverslindende sectoren is de gebouwde omgeving het snelst energieneutraal te maken”, zo constateert Ivo Opstelten - programmaregisseur van ‘De Energiesprong.  “Op het gebied van onderzoek en innovatie loopt Nederland op veel aspecten vooraan, het lukt alleen lang niet zo goed om deze kennis om te zetten naar de praktijk.”

“Er is niet één reden wat de implementatie tot nu toe heeft gestagneerd, het is een complex systeem waar veel aspecten en actoren van invloed op zijn. Hoewel het complex en onzeker is welke aanpak de beste is, is dat geen reden om dan maar niets te doen”, aldus Opstelten.

Er moet worden uitgegaan van wat al wel bekend is en van daaruit barrières opruimen en nieuwe stimulansen implementeren. “Om echt vooruitgang te boeken is het dan wel noodzakelijk dat partijen elkaars discipline gaan begrijpen en elkaars taal leren spreken.”

Opstelten vindt dat het overheidsbeleid te vaak vooral korte-termijn gericht en onvoldoende consequent is. “Dit resulteert in onzekerheden voor marktpartijen, wat beleggers en investeerders ervan weerhoudt hierop in te spelen. Het beleid zou consequent en convergerend moeten zijn vanuit een concrete visie op de te realiseren duurzame samenleving en de rol van de verschillende sectoren daarin.”

Hogere initiële kosten
Aart Jan Gorter, directeur van Woonveste, deelt de mening dat het beleid consequent moet zijn. Gorter ziet echter de hogere initiële kosten als de grootste belemmering van de ontwikkeling.

Gorter: “De grootste kans zit hem in het realiseren van betaalbare duurzame woningen. Nu blijkt een duurzame woning ongeveer dertig tot veertigduizend euro meer te kosten. Het gaat er dus om om duurzame woningen betaalbaar te krijgen."

Gedacht zou kunnen worden aan het splitsen van eigendom in enerzijds de woning en anderzijds de installatie, denkt Gorter. Een bedrijf kan dan de installatie, het eigendom en het beheer ervan doen terwijl de woning van de corporatie blijft. De energierekening zou dan betaald kunnen worden aan de installateur die daarmee deels de energierekening en deels de installatie betaalt.”

Gorter ziet kansen in lokale samenwerking tussen lokale overheden en corporaties. “Hier is echter wel visie voor nodig. Winsten worden namelijk niet op korte termijn behaald en er moet bij aanvang meer geïnvesteerd worden dan dat het opbrengt."

Daarnaast is wetgeving in het verleden een sterke stimulator gebleken, aldus Gorter. "De Europese eis dat in 2020 alle woningen energieneutraal moeten zijn, heeft woningbouwcorporaties wel aan het denken gezet en daarmee bijgedragen aan de bewustwording” .

Tekst Jan-Willem Schellekens
Jan Willem doet onderzoek aan de Technische Universiteit Eindhoven met als hoofdvraag: hoe kan duurzaam bouwen worden versneld? In dit onderzoek wordt gekeken naar wat de ontwikkeling van duurzaam bouwen belemmert en wat eraan moet worden gedaan om deze ontwikkeling te versnellen.

Bestellen van het magazine Duurzaam Gebouwd

Foto: Duurzaam Gebouwd-expert  Anke van Hal

Deel dit artikel

permalink