Potentie voor aquathermie onder de loep bij tweede bijeenkomst DG Expeditie ’t Veen Hattem

De expeditieleden van Duurzaam Gebouwd Expeditie ’t Veen kwamen op 15 oktober digitaal bijeen om te discussiëren over het tweede onderwerp: duurzame energie en warmtevoorziening. Besproken werden onder andere de technische mogelijkheden voor diverse warmtebronnen, koppelingen met de openbare ruimte en innovaties die toepasbaar zijn op het gebied.

Eerder werden voor het ontwikkelingsgebied ’t Veen, dat grenst aan de droge Veluwe als de waterrijke IJsseldelta, kansen benoemd voor klimaatadaptatie. Duurzaam Gebouwd-expert Daan Bruggink gaf destijds het advies om de bouwen als een boom. “Een boom voedt dieren en planten, maakt zuurstof en er kunnen veel diersoorten van leven”, gaf hij aan. “Het groen zorgt voor verkoeling en verschoont de lucht, neem dat mee in je ontwikkeling.”

Voor deze tweede bijeenkomst opende expeditieleider Jody Andernach van Duurzaam Gebouwd de reis en de discussie. “Vandaag zetten we de expeditie digitaal voort, een iets andere manier om bij elkaar te komen”, refereert ze naar het verschil met de eerste editie, die fysiek en op gepaste afstand vorm kreeg. “We delen vandaag kennis en discussiëren over het onderwerp duurzame energie en warmtevoorziening.” Over dat onderwerp gaf Duurzaam Gebouwd-expert Laurens de Lange, tevens directeur market development bij Unica, vervolgens een marktschets met zijn belangrijkste bevindingen.

Op zoek naar de combinatie

Allereerst is volgens hem de context van belang. “Je richt een gebied opnieuw in dus besef de breedte van de opgave en ga op zoek naar de combinatie. Neem bijvoorbeeld niet alleen energie, maar ook mobiliteit mee.” Op dit moment zijn er nog veel projectvoorbeelden te bespeuren waar deze elementen niet bij elkaar worden genomen bij het uitschrijven van de ambitie. “Denk aan het niet meenemen van elektrisch vervoer en onderzoek de mogelijkheden voor carsharing.” Een volgende advies betrof de groeiende noodzaak voor klimaatadaptatie. De omgeving moet toekomstbestendig zijn: “Anticipeer op droogte, denk aan extreem nat weer en probeer je de wereld voor te stellen zoals die in 2030 eruitziet.” Het landschap ziet er in dat jaar danig anders uit, met onder meer een grotere nadruk op digitalisering en apparaten die met elkaar praten. “In dat jaar zijn IoT-oplossingen heel normaal. Zet dus nu al in op toegankelijkheid en zorg voor een toekomstbestendige infrastructuur.”

De expeditieleden gingen uiteen in twee digitale sessies om te brainstormen over de invulling van uitdagingen rondom duurzame energie en warmtevoorziening. 

Grootste investering van je leven

Daarnaast duidt De Lange op het belang van een integrale aanpak. “Als je ergens gaat wonen, dan wil je dat je huis een mooie uitstraling heeft en dat je in een leuke wijk met goede voorzieningen terechtkomt. Het geld dat je investeert, is waarschijnlijk de grootste investering van je leven. Logisch dat het huis waarde moet hebben en dat een integrale benadering daarom loont. Want als er één onderdeel aan de huisvesting niet deugt, dan stoort het je en zorgt het voor een mindere ervaring.” Een brede benadering vraagt om een verandering van mindset en anders werken in teamverband. “Verdiep je in vraagstukken die anderen hebben en verzin een oplossing voor een vraag die bij iemand anders leeft. Redeneer vervolgens terug wat dit voor jou betekent en hoe je aan het grotere geheel kunt bijdragen.”

Alternatieve verwarming en koeling

Het was aan Sybold Herder van gemeente Hattem om de expeditieleden mee te nemen naar ’t Veen, en de eigenschappen van het gebied uiteen te zetten. “We willen dit bedrijventerrein van ongeveer 20 hectare omvormen naar een gebied voor wonen en werken, een hoogwaardig gemengd woongebied dat toekomstbestendig is. De IJssel, Wiessenberger Kolk en het Apeldoorns kanaal liggen elk op minder dan anderhalve meter afstand van het terrein. We willen ongeveer 500 of 600 woningen voorzien, met voorzieningen om te ontspannen en te leren.” Hij stelde hardop de vraag of  alternatieve warmte en -koelte voor dit gebied realistisch is. “Kunnen we de omliggende wateren inzetten om de vraag naar warmte te compenseren? Wellicht is het mogelijk om restwarmte te putten uit bedrijven die in het omringende gebied zitten.” Hij refereert aan enkele werkzaamheden die wellicht als logisch renovatiemoment gelden. “De bovengrondse hoogspanning willen we ondergronds onderbrengen. Kunnen de werkzaamheden om dit te doen, gecombineerd worden met het werk aan alternatieve of zelfs collectieve warmtevoorziening?” Herder maakt daarbij duidelijk dat het geen doel op zich is om laatstgenoemde te realiseren. “Hoewel dit geen doel op zich is, kan het een interessant element zijn om meer mensen in Hattem van duurzame energie te voorzien en kan het een enthousiasmerend effect voor verduurzaming met zich meedragen.”

Behoefte aan praktijkvoorbeelden

Voordat de brainstorm over dit onderwerp losbarstte, was het aan Wim van Vilsteren van Waterschap Vallei en Veluwe, om de potentie voor aquathermie te duiden. Hij liet een kaart zien waarop de mogelijkheden voor thermische energie uit oppervlaktewater voor Hattem vielen te herleiden. Met deze techniek zorg je het water dat in de zomer opwarmt, opslaat, om het vervolgens in de winter te gebruiken voor verwarming. “Die energie moet nog wel vanuit de bron getransporteerd worden naar de woningen. Dat betekent onder andere dat we onder een dijk door moeten om de warmte bij te woningen te krijgen.” Vanwege de toenemende warme zomers is er ook een toenemende behoefte aan koeling: wellicht is het mogelijk om restkoelte in te zetten bij het collectief koelen van woningen. “Er zit in ieder geval voldoende overschot aan warmte in de wateren van het gebied om deze vorm van warmtevoorziening toe te passen. De techniek wordt nog niet vaak toegepast, maar er is behoefte aan praktijkvoorbeelden en mede daarom zijn er subsidiemogelijkheden [voor het eerst in de najaarsronde 2020 SDE+,red.].

Living Lab

Gesplitst in twee groepen discussieerden de expeditieleden over deze bevindingen en vormden ze twee mindmaps, die later plenair werden besproken. Daarop reflecteerde De Lange: “Vandaag, morgen én overmorgen moet ’t Veen toekomstvast zijn. De wijk moet zich gaan aanpassen aan de innovaties en mogelijkheden van het moment. Een aanpasbare wijk die flexibel met noviteiten kan omgaan is het uitgangspunt.” ’t Veen als een Living Lab is dan ook geen vreemde gedachtegang. “Daarbij kunnen we inspiratie opdoen uit andere industrieën en moeten we niet alleen naar de situatie anno 2020 kijken, maar vooral naar de toekomst en daarop anticiperen.”  

Gebiedsontwikkeling ‘t Veen

‘t Veen is onderdeel van een stedelijke transformatie die Hattem groen, vitaal en klimaatadaptief maakt. Het voormalige bedrijventerrein trekt de omliggende natuur naar de stad toe en wordt getransformeerd tot een duurzame en gezonde woon-, werk- en recreatiebestemming. Voor deze ambitieuze en complexe opgave zocht gemeente Hattem naar toepasbare kennis over duurzame toepassingen, zodat de transformatie van het gebied naar een hoger niveau kan worden getild.

Duurzaam Gebouwd Expeditie

De Duurzaam Gebouwd Expeditie is gestoeld op verbinding. Duurzaam Gebouwd creëerde de Expeditie om complexe opgaves in te vullen met ambitieuze opdrachtgevers, zoals gemeente Hattem. Samen zochten we naar een selecte groep van deskundige partijen op het vlak van energie, klimaatadaptatie, circulariteit, slimme stad en innovatieve woonvormen om samen op ontdekkingsreis te gaan binnen ontwikkelingsgebied ’t Veen. De kracht schuilt in het betrekken van een grote diversiteit aan partners: bouwers, innovators, installateurs en ontwikkelaars zijn onder andere vertegenwoordigd als expeditiepartner. Duurzaam Gebouwd blijft een centrale begeleidende rol houden binnen deze reis, met als doel de gemeente een stap verder te brengen in de ontwikkeling, alsook om de expeditieleden exposure en kennis te bieden.

Uit deze tweede editie bleek de intrinsieke motivatie van alle expeditieleden om kennis te ontwikkelen en te delen. Het blijft niet bij praten, want partijen zoeken gezamenlijk mogelijkheden om meteen tot actie over te gaan en de volgende stap te zetten bij de transformatie van ’t Veen naar een toekomstvast gebied.

Deel dit artikel

permalink