Milieu-impact beperkt op de radar van interieurinrichter

Tijdens een multisectorale materialenbeurs kregen R&D en designprofessionals uit de wereld van architectuur, design, fashion, packaging en bouw de nieuwste materiaalinnovaties te zien. Opvallend: weinig aandacht voor circulariteit en de milieubelasting van bouw- en inrichtingsmaterialen. Niet voor niets dat tijdens de beurs het nieuwe interieurplatform voor duurzaam interieur werd gepresenteerd.

Tekst: Gerrit Tenkink, Foto bovenaan: Uitgeverij Gelderland

Bij SINH Building Solutions, leverancier van (brandwerend en stootvast) Magoxx Board is de vertegenwoordiger op de stand van Material Xperience eerlijk. “Ik hoor er nooit iemand over. Alleen is Rotterdam en Amsterdam. Daar lopen ze wat voor de troepen uit. Verder vraagt niemand er naar.” Ook de vertegenwoordiger op de stand bij Technowood krijgt weinig vragen van bezoekers en terwijl het bedrijf, zoals hij zegt, wel een goed verhaal heeft. “We brengen houtfineer aan op een metalen, bijvoorbeeld aluminium ondergrond. Zo heb je een houten uitstraling, maar gebruik je tegelijkertijd 98 procent minder hout”, aldus de vertegenwoordiger. 

Leon de Haan van Foreco Dalfsen vindt het niet zo vreemd dat er weinig naar certificering wordt gevraagd. “Het is natuurlijk wel een designbeurs, dus de meeste vragen gaan over esthetiek. Misschien is het ook wel zo dat de bezoekers, als het hout betreft, er vanuit gaan dat het wel goed zit. Dat zie je ook bij het gebruik van papier. Wie vraagt zich nu nog af of het papier nog gecertificeerd is? Daar ga je gewoon vanuit. Overigens is al ons hout PEFC- of FSC- gecertificeerd. Maar dat terzijde.”

Ook bij Bruynzeel Multipanel weinig vragen over certificering. Bij een stand die één en al hout ademt verwacht je toch minimaal het PEFC- of FSC logo. “Ik heb in drie dagen tijd één keer een vraag over certificering gekregen”, aldus de Bruynzeel-man. “In de ruwbouw is de certificering een item, maar bij de afbouw kijkt niemand er naar. We leveren alles in PEFC of FSC, maar de vragen gaan over akoestiek en design en de manier van verwerken. Niet over certificering.”

De initiatiefnemers en founding partners van het nieuwe interieurplatform gezamenlijk op de foto.(foto: DGBC)

Uitzonderingen

Uiteraard zijn er ook andere geluiden te horen, maar die zijn in de minderheid. Zo presenteerde Interface een speciale tapijttegel die de luchtkwaliteit in een gebouw moet verbeteren. De tegel is voorzien van CircuitBac Green, een innovatieve backing, die wordt gemaakt met een mix van bioplastic en minerale vulstoffen. De nieuwe backing en CoolCarpet maken deel uit van het interfaceproramma om de CO2-uitstoot voor de gehele levenscyclus van het product te compenseren, “We krijgen veel vragen van architecten. Met name de grotere. De kleinere bedrijven zijn hier nog niet zo mee bezig”, zegt Elisabeth Koldenhof van Interface. Ook op de stand van BTB Mouldings is er aandacht voor hergebruik van afvalproducten. Sterker nog : het bedrijf leeft er van. De duurzaamheidsbutton die prominent in beeld is gebracht zorgt er volgens het personeel op de stand voor dat mensen veelvuldig vragen naar de achtergrond van het product. “Wij kopen hoogwaardig recyclebaar pvc-afval uit de maakindustrie, verwerken dat tot granulaat en maken daar dan vervolgens weer waterdichte vloeren en tegels van. Geheel cradle-to-cradle.” Ook Forbo laat zien dat het aandacht heeft voor milieu en verduurzaming. ‘Verbeter de Wereld, begin bij de Vloer’ staat groot op de banner in de stand van de vloerenfabrikant, die daarmee de aandacht vestigt op het CO2-neutrale marmoleum.  

Interieurplatform

Dat circulariteit en CO2-neutraliteit niet de boventoon voert als het aankomt op afbouwproducten en binnenshuismaterialen is ook Dutch Green Building Council (DGBC), NIBE en Ex Interiors opgevallen. Zij presenteren tijdens Material Xperience een nieuw gezamenlijk initiatief: Inside/Inside, een online platform waar inzichtelijk wordt hoe duurzaam, circulair en gezond een interieur is. Eén van de initiatienemers Odette Ex, oprichter van Ex Interiors: “De milieu-impact van materialen is bij de interieur-architect nog te weinig in beeld. Hij heeft simpelweg nog gewoon te weinig kennis van deze materie. Het platform zal mij en mijn collega’s in de branche veel tijd gaan besparen, omdat het verzamelen van informatie over de duurzaamheidsprestatie van interieurproducten een stuk gemakkelijker wordt.”  

Nibe-directeur Mantijn van Leeuwen legt uit hoe het platform gebruikt kan gaan worden: “Gebruikers kunnen er duurzame interieurproducten- en materialen selecteren, detailinformatie lezen én data over de milieu- en gezondheidsimpact opzoeken en vergelijken. De output van het platform kan onder andere worden gebruikt in aanbestedingen en voor certificeringen. Iedereen kan gratis gebruik maken van het platform. We zijn nog volop bezig om data te verzamelen.” Edwin van Noort, Manager Ontwikkeling DGBC: ‘’Er zijn veel wetten, labels en regels voor gebouwen, maar voor interieur niet. Wat de huurder uiteindelijk in het gebouw zet, is altijd buiten onze scope gebleven. Wij willen daar ook een instrument voor maken, net zoals we dat voor gebouwen hebben ontwikkeld.”

Deel dit artikel

permalink