Green Deal in de bouwkeet

De bouwbranche mist een masterplan naar het Engelse model, meent Harold Brocken.

 In oktober heeft minister Verhagen de green-deal van de Nederlandse overheid gepresenteerd. Deze deal is vooral gericht op het versnellen van de winning van duurzame energie en gebruik daarvan. Bovenal krijgen bestaande (grootschalige) initiatieven (proven-concepts) een stimulans.

In de gehonoreerde projecten is nauwelijks sprake van vernieuwing of innovatie, en er wordt niet direct ingezet op energiebesparing in bestaande gebouwen. De reacties uit de bouw zijn daarom ook matig en weinig hoopvol naar een snelle verandering in het dilemma dat we kennen rondom financiering en het terugverdienen van investeringen.

Werkelijk beperken
Concreet wordt in de green-deal alleen ruimte gegeven voor extra energiedienstverlening die aansluit bij de slimme meter en voor technische ontwikkeling die een toename van decentrale opwekking achter de meter mogelijk maakt.

Werkelijk beperken van het energieverbruik onder andere door verbeterde isolatie van gebouwen wordt niet rechtstreeks gesubsidieerd en dient dus als casco verpakt te worden in marktconcepten met een gezonde bussines-case.

Groen fatsoen
Deze visie is begrijpelijk. Ons groene fatsoen biedt in de traditionele bouwkolom (met haar kenmerkende opdrachtverstrekking) weinig soelaas. Daar is de oplossing niet te halen en dat ziet onze overheid goed. Om de bouwbranche weer gezond te maken moet de bouwkolom ingrijpend veranderen; in het verbeteren van kwaliteit, maar met name ook in de dienstverlening die naar de klant wordt aangeboden.

De onroerend goed markt heeft behoefte aan (ver)bouwcapaciteit in combinatie met optimale benutting-beheer van energie. Daarbij is het verbeteren van bouwprocessen geen remedie voor versnelling van energetische opwaardering. Werkafspraken zoals die vanuit de bouwkeet worden aangestuurd moeten continu bijdragen aan een beoogde optimale energetische prestatie van een gebouw.

Dat is een proceskwaliteit die onbetwistbaar moet zijn. Daar moet uiteraard wel aan gewerkt worden, en dat staat los van een groene deal in elk project. De schoen wringt bij het terugverdienen van investeringen die nodig zijn voor energiebesparing.

Hoe helderder, flexibeler en zorgelozer dit aan de voorkant van een project met klanten kan worden afgesproken, hoe sneller de opwaardering van de gebouwvoorraad in Nederland vordert.

De Nederlandse overheid laat de invulling daarvan aan de markt. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Engeland. Ook daar is de overheid afgestapt van rechtstreekse subsidie ten gunste van investeringen voor energetische verbeteringsmaatregelen. Men heeft wel goed gekeken naar de feitelijke belemmering in de markt.

Terugverdienen
De green-deal in Engeland komt zowel tegemoet aan de behoefte van bouwpartijen en aan die van de klant. Het Engels model gaat uit van het terugverdienen van investeringen via de energierekening. De betreffende vergoedingen vloeien direct af naar de green-deal aanbieder.

De opzet is heel flexibel doordat elke bouwpartij de deal kan aanbieden en biedt bovenal voor afnemers (klanten) financiële vrijheid zodra ze bijvoorbeeld verhuizen. De green-deal is gebonden aan de woning en is voor elke volgende eigenaar/huurder verplicht.

Bij aanvang van de deal geeft de klant opdracht voor de gehele procedure waarin de afdracht van vergoedingen naar de aanbieder is vastgelegd. Simpeler kan het niet en door de eenvoud en helderheid blijkt dit format in Engeland binnen één jaar een enorme vlucht te nemen. Dat is nog eens wat anders dan het aannemen van een bouwopdracht!

Bouw ligt op zijn gat
Het Engelse model is geen utopie. In Nederland kan dat ook, en op de keper beschouwd zitten we wat betreft accreditatie van energieadviezen en kwalificatie van uitvoerende bedrijven niet eens ver van het Engelse model. De kwaliteit van bouwprocessen doet in Nederland niet onder voor Engeland. In mijn stellige overtuiging zijn wij absoluut betere bouwers. (Als afbouwadviseur heb ik de nieuwbouw van het Wembley stadion van nabij meegemaakt en kunnen vaststellen dat bouwprocessen in Engeland zeer inefficiënt zijn en afbreuk doen aan de gerealiseerde kwaliteit.)

Toch slagen wij nuchtere Hollanders er niet in om onze bouwmalaise op te lossen. De bouw ligt plat gezegd op zijn gat, en heeft in haar organisaties de mensen niet om een administratief model op te zetten voor een nieuw energieconcept. De banken doen een poging die (wederom) verpakt wordt in een (groen) leningmodel.

Echter een innovatieve energiedienstverlening naar de onroerend goed markt komt mijns inziens niet in eerste instantie van banken. Door de financiële crisis zijn zij ook genoodzaakt tot het ontslaan van medewerkers en zij zullen zich toespitsen tot core-business en activiteiten ten gunste van hun eigen winst.

Om klantgerichte veranderingen in de Nederlandse bouwmarkt te kunnen realiseren, is de komende jaren behoefte aan enoverende bouworganisaties die zich onderscheiden door proceskwaliteit in combinatie met energiebeheer.

Onvolledig
Enerzijds vind ik het beklag van de bouw naar onze overheid terecht. De nieuwe Nederlandse green-deal is onvolledig-onevenwichtig en laat veranderingen die economisch-maatschappelijk belangrijk zijn (te) veel aan de marktwerking over.
Aan de andere kant faalt de bouw met een gebrek aan nieuwe business modellen en een centraal masterplan. De overheid staat open voor initiatieven (het liefst proven-concepts) die in de markt vooruit lopen en belooft met haar green-deal belemmeringen weg te nemen.

Een goede bestudering van het Engelse model is in deze meer dan de moeite waard. Daarin liggen meerdere modellen voor commerciele initiatieven verborgen, maar bijvoorbeeld ook een keiharde afspraak dat bij elke energiemeter een huurder zich na een eerste afwijzing moet conformeren aan de green-deal waar de gebouweigenaar dan in tweede instantie voor kiest.

Voldoende stof voor het schrijven van een masterplan vanuit de bouw aan onze minister.

Harold Brocken 
Bestuurslid Stichting Enoveren / Eigenaar Gevelsupport

 

 

Deel dit artikel

permalink

 

 

Meer door Harold Brocken